‘De vraag is niet of je racistisch bent,...

Rianne Burgers 6 dagen geleden
16

‘De vraag is niet of je racistisch bent, maar hoe je racistisch bent’ 

Bron: Robin DiAngelo diversiteitstrainer/diversiteit gemeente Apeldoorn / NRC

Dit artikel kreeg ik doorgestuurd van collega's van de gemeente Apeldoorn. We starten deze week op met een groep deelnemers van het traject Kleurrijk zorgen en ik vond dit een artikel dat hier zeker bij past. De mensen achter Kleurrijk zorgen geven aan eerst komt er weerstand en dat is mooi want dan werkt het. Kun je, bewust worden van je wit zijn? En kun je dan ook zien dat dit te maken heeft met de plek waar je geboren en opgegroeid bent. Dat je proviteerd van de voordelen. Maar kun je ook ruimte maken voor meer kleur meer diversiteit in jezelf? Dit artikel geeft zeker stof om over na te denken. Dank voor het toesturen. 

Kwesties als structureel racisme en witte superioriteit zijn in de mode, merkt diversiteitstrainer Robin DiAngelo. „Eindelijk.” Maar ze is niet optimistisch. „Onze witte identiteit is diep geworteld in het idee dat we niet racistisch zijn.”

Door onze medewerker Dominique van Varsseveld

Als Robin DiAngelo lezingen geeft buiten de Verenigde Staten kan ze de klok erop gelijk zetten: „Dan nemen witte mensen me apart om te vertellen: ‘Dit is typisch een Amerikaans probleem, hier hebben we dat probleem niet’.”

Zwarte mensen nemen haar buiten de VS ook apart. „Zij zeggen: ‘Godzijdank dat je er bent. Help me alsjeblieft het aan witte mensen uit te leggen.’”

Vlak voor de publicatie van haar boek Witte gevoeligheid in het Nederlands popt DiAngelo op in de wachtkamer van een videogesprek. Het is precies 17.00 uur in Washington als de wetenschapper, met krullen en een tuinbroek, in beeld verschijnt. „Ik heb hierna nog twee afspraken”, vertelt ze opgewekt. „Het is druk. Een van de meest positieve dingen die ik nu zie is dat er eindelijk een concept van structureel racisme in de mainstream media terecht is gekomen.”

DiAngelo is verbonden aan Washington University als gastdocent educatie, gespecialiseerd in ‘witheidstudies’, en is al ruim twintig jaar actief als diversiteitstrainer. Van haar boek White Fragility zijn sinds het verschijnen in 2018 wereldwijd 795.000 exemplaren verkocht. Sinds de Black Lives Matter-protesten dit jaar in een stroomversnelling raakten, voert het boek de top van de bestsellerlijst van The New York Times aan. Het type opdrachtgevers dat haar benadert veranderde.

„Eerder waren het uitsluitend de overheid, onderwijsinstellingen en non-profitorganisaties die werk van diversiteit maakten. Nu ben ik plotseling ook actief in de commerciële wereld. Niet dat zij daarvoor helemaal niets deden. Maar ze adresseerden zaken als structureel racisme en witte superioriteit niet direct, het was een slap aftreksel met de strekking: ‘iedereen is speciaal’. Precies het tegenovergestelde van de training die ik geef.”

De vooroordelen van witte mensen centraal stellen stuit mensen tegen de borst. Volgens één werkgever bij wie u een workshop zou geven zou u daarmee zelfs zijn werknemers traumatiseren.

„De meeste mensen zien racisme nog altijd als een individuele handeling met de directe intentie om gemeen te zijn. Daar herkennen de meeste mensen zichzelf niet in. Dat verklaart waarom er meteen defensief of zelfs vijandig wordt gereageerd bij de geringste suggestie dat ze voordeel ondervinden van het systeem, en dat het onvermijdelijk is dat je als mens raciale vooroordelen internaliseert. Tot de maatschappij dat begrijpt, kunnen we geen goede gesprekken hierover voeren. Niet de vraag of je racistisch bent, maar hoe je racistisch bent, zou eigenlijk centraal moeten staan.”

In Witte gevoeligheid beschrijft DiAngelo hoe witte mensen zichzelf helemaal vrijwaren van racisme. Hun reacties komen dusdanig overeen dat het lijkt alsof iedereen voorleest uit hetzelfde script:

Iedereen heeft het moeilijk, maar als je hard werkt...

Mijn ouders waren (geen) racisten, daarom ben ik ook geen racist.

Ik zie geen kleur.

Ik ben vroeger gepest omdat ik wit/arm was (dus ik heb geen rassenprivilege).

Ik ben geen racist, want ik kom uit Canada.

Ik heb in de ontwikkelingshulp gezeten.

Ik heb in de jaren zestig gedemonstreerd.

Ik werk in een heel diverse omgeving.

Mijn overgrootmoeder was een Amerikaans-indiaanse prinses.

Zijn de voorbeelden in het boek reacties die u kreeg tijdens uw werk?

„Het gebeurt overal. Als je mij in een vliegtuig ontmoet en vraagt wat ik doe, beginnen witte mensen onmiddellijk hun mening te geven. Ze vragen me niet om mijn gedachten over een onderwerp waar ik duidelijk een expertise in heb. Er wordt meteen het meest belachelijke bewijs geleverd om uit te leggen dat ze zelf niet racistisch zijn, zoals ‘ik had een zwarte huisgenoot tijdens mijn studie, ik spreek verschillende talen of ik zat in het Peace Corps [een overheidsorganisatie die Amerikaanse vrijwilligers in het buitenland stationeert]’.

„Er zijn waarschijnlijk witte mensen die nu dit artikel lezen en boos worden, omdat ik generaliseer over witte mensen.”

Dat verwacht ik wel.

„Dat is wat wit zijn betekent: jezelf als individu te zien, en alleen als individu. En als we het over ras gaan hebben, dan gaan we het over het niet-witte ras hebben. Zo zijn de meeste witte mensen opgevoed.”

Lees ook dit betoog van Gloria Wekker: Witte onschuld bestaat niet, maar dat wilt u van mij niet horen

In het boek vertel je dat kinderen al op heel jonge leeftijd vooroordelen hebben.

„Het helpt niet als je kinderen ziet als maagdelijke witte bladzijden, vrij van vooroordelen. Dat is niet waar. Onderzoek laat zien dat kinderen vanaf jonge leeftijd leren dat het beter is om wit te zijn. Al vrij vroeg absorberen kinderen stereotyperingen en vooroordelen. Doen alsof die er niet zijn, is geen constructieve manier om hiermee om te gaan. Ouders moeten met hen praten over de realiteit.

„Mag ik misschien een tegenvraag stellen? Hoe identificeert u zich, als vrouw van kleur of als zwarte vrouw?”

Als zwarte vrouw. Als ik het over racisme en ongelijkheid probeer te hebben, hoor ik vaak dat ik verdeeldheid zaai. Het is lastig om daar iets tegenin te brengen. Ik ben het natuurlijk ook eens met het uiteindelijke streven dat ras er niet toe doet.

„Te doen alsof we al in de maatschappij leven waar we naar streven, garandeert dat we daar nooit terecht zullen komen. Ik zou die mensen vragen of ze een ander sociaal probleem kunnen bedenken waarvan ze vinden dat je het vooral niet moet benoemen. Wie is erbij gebaat om het niet over huiselijk geweld te hebben? Of over racisme?

„Nee, ik denk niet dat het racistisch is om het over racisme te hebben. En omgekeerd racisme bestaat niet.”

Kunt u dat uitleggen?

„U hebt automatisch vooroordelen tegen mij omdat ik wit ben. En ik andersom door uw kleur. Iedereen heeft dat. Maar als een groep de institutionele macht heeft, is de impact van de vooroordelen diepgaand verschillend. Om het over omgekeerd racisme te hebben als witte mensen er last van hebben, is een manier om dat verschil in impact triviaal te maken. Ik denk dat dat erg is, taal is machtig.”

In het boek staat dat witte extremisten eerlijker zijn over hun vooroordelen dan witte mensen die zichzelf als progressief zien. Dat is een heftige uitspraak.

„Zij zijn eerlijker over de vooroordelen in zichzelf. Stel: je moet werken voor iemand die ontkent raciale vooroordelen te hebben, maar die er wel van uitgaat dat je minder gekwalificeerd bent, en dat dat blijkt uit de opdrachten die hij je geeft …

„We hebben een term, gaslighting . Je kunt er je vinger niet op leggen. Je voelt het wel, maar de ander geeft het niet toe. En het is moeilijk te bewijzen. Ik denk dat dit meer schade kan aanbrengen dan uitgesproken vooroordelen. Daar kun je jezelf tegen beschermen.”

Hoe komt het dat u zich hiermee bent gaan bezighouden?

„Ik solliciteerde op de functie van diversiteitstrainer. Ik had daar nog nooit van gehoord, maar het klonk cool. Ik was een dertiger, en had me nog nooit met racisme beziggehouden. Omdat ik wit ben.

„Opeens werkte ik samen met mensen van kleur die vraagtekens zetten bij hoe ik de wereld zag. Ik voelde me als een vis die uit het water werd getild. Mijn racistische wereldbeeld was daarvoor nooit uitgedaagd, en al helemaal niet door zwarte mensen. Ook dat is onderdeel van wit zijn; dat ik al zo ver in mijn leven was, en niet doorhad dat mijn wereldbeeld werd ingekleurd door vooroordelen.

Lees ook dit opiniestuk van Sarah Sluimer: Onderzoek de racist in jezelf

„Daarna kwam ik op werkplekken die vaak 100 procent wit waren, en probeerde ik daar over racisme te praten. De werknemers waren kwaad en vijandig en klaagden over omgekeerd racisme. Het was zo irrationeel, het klopte gewoon niet.”

Hoe voer je een goed gesprek hierover?

„Het is moeilijk te doen in één gesprek. Onze identiteit is diep geworteld in het idee dat we niet racistisch zijn en je puur op je capaciteiten beoordeeld wordt. En hoe belangrijker het voor ons is om niet racistisch te zijn, hoe meer we ons aangeleerde gedrag beschermen, in plaats van te accepteren dat het onvermijdelijk is dat je een racistische ideologie geabsorbeerd hebt, aannames en gedrag hebt ontwikkeld, en geworteld bent in een systeem dat comfortabel is en je voordelen biedt.

„Begrip daarvan is bevrijdend. Ik voel geen schuld over het systeem waarin ik ben grootgebracht. Ik voel me wel verantwoordelijk voor waar het naartoe gaat. Ik heb niet voor dit systeem gekozen, maar het is wel aan mij om het uit te dagen.

„Gelukkig heb ik een geboeid publiek, ze mogen me niet onderbreken tijdens mijn praatje en ik overlaad ze met beelden en bewijs. Dat maakt het heel moeilijk voor hen om het te ontkennen. Dat betekent niet dat er geen mensen zijn die het ontkennen, maar ik maak het hun moeilijk.”

Kunnen we met de hedendaagse BLM-protesten concluderen dat we op de goede weg zitten?

„Ik geloof dat de inspanningen van antiracistische activisten en onderwijzers effect hebben. De video’s van racistisch politiegeweld hebben ook een grote impact. Want zwarte mensen kunnen nu bewijzen wat er altijd al met hen gebeurde, waarvan wij zeiden, dat kan niet waar zijn, want dat gebeurt mij niet.

„Ja, er wordt door de straten gemarcheerd. Maar betekent het dat mensen nu nuances in hun interacties zien? Wat gebeurt er de eerste keer als een nieuw ‘ontwaakte’ witte persoon wordt aangesproken op de racistische aannames waar hij of zij zich nog niet bewust van is?

„Ik krijg e-mails van witte vrouwen die eindelijk een boek hebben gelezen over racisme en nu aan komen stormen om iedereen te redden. Maar het is een levenslang proces, er zijn nog veel problematische dynamieken waar we een levenlang aan zullen moeten werken.

„Ik ben bezorgd over wat er gebeurt als racisme niet meer modieus is. Blijven we dan meestrijden? Het is veel comfortabeler voor witte mensen om dat niet te doen.”

Robin DiAngelo (1956, San Jose, VS) promoveerde in 2004 op multiculturele educatie.

Sinds 2014 is zij als gastdocent educatie verbonden aan Washington University, gespecialiseerd in ‘witheidstudies’.

DiAngelo geeft daarnaast al meer dan twintig jaar diversiteitstrainingen aan overheden, instellingen en bedrijven.

 

Meer uit Deelmee

HomePartnersContactUit Deelmee Inloggen