De Mensenkenniscommunity: De Jihadist

Jankees Dieleman 4 jaar geleden
30

Deelmeer 7

De Jihadist

Zijn vader dronk. Zijn broer zat vast. Moeder was gevlogen en de nieuwe vriendin van vader ook.  

Ibrahim zag het met lede ogen aan.

Na zijn school, waar hij tot aankomend verkoopmedewerker was geworden, was hij samen met zijn vader een winkeltje begonnen. Het stelde niet veel voor, niks bijzonders. Gewoon een klein winkeltje. Levensmiddelen. Een vriezer met wat vlees en vis. Zuivel. Olijven, peulvruchten, granen, brood, beetje groente. Die dingen.
Het werd geen succes. Was gewoon te hoog gegrepen.
Kostte meer dan het opleverde.
Hij zat nu dus veel thuis. Lieve jongen.
Mager, krom.
Bewoog zich breekbaar doorheen de dagen.
Zijn silhouet als een wandelend vraagteken.

Scheef gezicht met mankementen; verfrommeld oortje dat het niet goed deed en een raar oog dat ook niet helemaal goed werkte. Sociaal onhandig, maar met goede bedoelingen. 
Goed van vertrouwen. Makkelijk doelwit.
Leende aan zijn vrienden geld, zoveel ze maar vroegen, want voor een vriend doe je alles.
Toen het geld op was, kwamen ze niet meer zoveel langs. 
Is hij weer bij zijn vader ingetrokken. Met schulden en al.
Maar die had al genoeg andere zorgen aan zijn hoofd vanwege de vrouwen die hem alsmaar verlieten: zag het eigenlijk allemaal helemaal niet meer zitten. Zeker toen zijn oudste zoon werd opgepakt, vanwege een gewapende overval,  is-ie echt wanhopig geworden.
Begon voor vader Het Grote Drinken.

'Want wie voorbij gaat aan de vormen van alledag, ziet rozentuin na rozentuin', dichtte de Derwisj.

Toen kwam Ibrahim er echt alleen voor te staan.

Maar vriendschap blijft belangrijk. Hij heeft er de mond vol van.
'Voor een echte vriend ga je door het vuur', zegt hij.

Ibrahim wil het slechte pad niet op. Hij wil deugen. Hij is een goeie jongen.

Hij wil iets betekenen, gezien worden, een bijdrage leveren.
Hij begint te lezen. Studeert in de traditie waarvan zijn vader was afgehaakt.
Hij is blij met Het Boek, mooi boek. 
Bismillah.

En natuurlijk zoekt hij naar inspiratie. Naar levensadem.
En wie of wat blaast hem dat in?
Zijn vader niet, zijn broer niet, zijn leraren niet, zijn vrienden niet, zijn buren niet, niemand niet.
Niemand zit op hem te wachten.
Gelukkig is daar De Profeet, bij wie aartsengel Gabriël de verzen van de Koran influisterde.
En er zijn virtuele vrienden die hem hartstochtelijk promoten.

Nadat in het vrijzinnige Alexandrië de grootste bibliotheek van de oudheid, kort na het begin van onze jaartelling, door radicale christenen was verwoest en platgebrand, verdween wat aan beschreven wijsheid gered was voor een klein deel ondergronds in het woestijnzand. Voor de rest zwierf ze dakloos rond, hield zich schuil en dook later weer op in Bagdad. Alwaar ze werd bewaard en gekoesterd in het Huis van de Wijsheid. Bevrucht, bevrijd en verrijkt met nieuwe teksten en ideeën, kon ze van daar uit in tijden van vrede en voorspoed weer verspreid worden over een bloeiend Ottomaans wereldrijk.
Aldus keerde ze eeuwen later ook weer terug naar het arme Oude Europa, waar ze vergeten was. Onder meer als souvenir van onze eigen kruisvaarders, die zich te vuur en te zwaard, te voet en te paard, een plekje in de hemel reserveerden terwijl ze de verfijnde Moren en Muzelmannen een bloedig lesje leerden.

Enfin, de Europese Renaissance kon eindelijk een aanvang nemen.

Wereldwijd zijn verreweg meeste slachtoffers van de radicale Islam de gewone ingetogen volgelingen van Mohammed.
En leg maar eens uit, aan iemand die daar familie heeft wonen, waarom we met zijn allen wel massaal de aanslagen in Brussel en Parijs herdenken, maar die in Istanbul  -Parel aan de Bosporus- , of de zoveelste in Bagdad, en al die andere grote en kleine, verder naar het Oosten en dieper naar het Zuiden, steeds minder aandacht krijgen.
Tenzij er toeristen uit het Westen te betreuren zijn.

En het liefdevolle Soefisme, huizend in het hart van de Islam, daar waar mensen verkeren die alle doelen hebben bereikt, voorbij het streven zijn geraakt en waar de pure poezie van stilte woont, is een sieraad voor de hele mensheid.

Salaam.

'Want wie voorbij gaat aan de vormen van alledag, ziet rozentuin na rozentuin'dichtte de Derwisj.

'Voor een echte vriend pak je de kogel', zegt hij, plotseling,  met een atypische stelligheid.
Haast lachwekkend.
Uit zijn mond nogal een gotspe, zou men, puttend uit de taalschat van een semitisch broedervolk kunnen opmerken.
'Ik zou mijn vriend niet wilen blootstellen aan vijandelijk geweervuur en zo, zorgen dat hij daar niet in terecht kwam', zeg ik, maar dat slaat natuurlijk nergens op. Hij begrijpt niet wat ik daarmee bedoel. Het komt gewoon niet binnen.

Hij had veel nieuwe vrienden op internet gekregen en ineens ook een bloedmooie vriendin.
Hij liet me haar foto zien op zijn telefoon. Zij was ook gelovig.
De laaste keer dat ik hem zag, deze lente een jaar of drie geleden nu, droeg hij een hemelsblauwe jaballa,  waartegen een dun baardje scherp afstak. Had zo'n klein mutsje op zijn hoofd en liep langs de weg door de bloeiende berm. 
Ik reed hem in mijn auto tegemoet en voorbij.
Hij zag mij niet.
Ik zou zweren dat hij een boek in zijn handen droeg, maar er klonk op zijn minst een tekst in zijn hoofd en hij had een heilig doel voor ogen.

De Jihad is voor alle moslims van groot belang.
En misschien wel voor alle mensen.
De Innerlijke Jihad dan. De Grote Jihad.
Want die Grote Jihad, de échte Jihad, de strijd om het ego te beheersen, de nafs te overwinnen en deelgenoot te worden aan de Eenheid van het Al, dát is de werkelijke essentie. Helaas krijgt De Uiterlijke of Kleine Jihad op het moment veel te veel aandacht. Maar die is eigenlijk veel minder belangrijk. Want die strijd richt zich op de buitenwereld.

Ik weet niet waarheen hij verder op weg is gegaan.
Maar ik kan me er helaas wel van alles bij voorstellen.

HomePartnersContactUit Deelmee Inloggen