Hersenletsel heb je nooit alleen

L. Brederveld 4 jaar geleden
26
Ook als partner of familielid kom je in een emotionele rollercoaster: hoe is het met hem, hoe verbetert het. Hoop, angst, zorg en blijdschap (….hij leeft nog, hij gaat vooruit….) wisselen elkaar af.

Op het moment dat iemand hersenletsel krijgt, staat zijn of haar wereld op z’n kop. In een aantal gevallen gaat hij in behandeling en vervolgens in revalidatie. De partner en de kinderen of misschien de ouders en broers en zussen van deze persoon zitten er bij en kijken er min of meer naar. Ze kunnen (en mogen) in de meeste gevallen niet zoveel doen. Afwachten, duimen of bidden, de verpleging informeren over hoe hij voor het letsel was, maar dan houdt het zo’n beetje op.
Ondertussen gaat het gezin verder. Het huishouden moet gedaan, de administratie, werk, school, sport, andere verplichtingen. Enerzijds zit men samen met de patiënt met hersenletsel in een soort bubbel, anderzijds gaat het leven buiten het ziekenhuis/ de revalidatie gewoon door.
Ook als partner of familielid kom je in een emotionele rollercoaster: hoe is het met hem, hoe verbetert het. Hoop, angst, zorg en blijdschap (….hij leeft nog, hij gaat vooruit….) wisselen elkaar af. Heen en weer geslingerd tussen het “ziekte”proces en het “gewone” leven.
De zorg en de overheid hebben de partner/ het familielid omarmt. Een nieuwe naam gegeven: “mantelzorger”. Niet omdat deze de ruimte krijgt om werkelijk de mantel te zijn en hem of haar alle ruimte te geven om meer aandacht te kunnen geven aan de getroffene en alles wat daar bij hoort, maar eerder als bezuiniging; daar hoeft dan geen extra zorg geboden te worden
In een gezin zijn de rollen, taken en verantwoordelijkheden meestal verdeeld. Soms samen het huishouden, soms samen de administratie, maar vaker kan de één dat beter dan de ander. Verdeeld is het altijd wel. Samen hebben ouders de verantwoordelijkheid voor de kinderen. Vanaf het moment van letsel komt dat dus in veel gevallen op de schouders van de gezonde partner terecht, want het leven gaat wel door. Door cognitieve beperkingen wordt het in veel gevallen lastiger om op gelijkwaardig niveau de daarbij komende problemen met elkaar te bespreken. In een gezin waarin één van de partners een baan heeft waardoor deze hele periodes afwezig is (scheepvaart, vrachtwagenchauffeur, e.d.), is het min of meer de eigen keuze dat de andere partner de meeste taken en verantwoordelijkheden op zich neemt, maar bij iemand met hersenletsel is dat iets dat het hele gezin overkomt; er is geen keuze.
Na de revalidatiefase komt de patiënt (inmiddels cliënt) in vele gevallen thuis. Dan pas wordt duidelijk wat de echte gevolgen zijn van het letsel en wat er vanaf dat moment op het bordje van de gezonde partner komt te liggen. 
Ook wordt duidelijk wat er is veranderd in de onderlinge relatie. Wat is er over van de wederzijdse liefde, hoe vind je weer samen een nieuw evenwicht. Beide partner ervaren dat het anders is; willen er vaak alles aan doen om het evenwicht te herstellen, maar de beschadiging blijft. Ondertussen gaat het leven gewoon door: de omgeving gaat weer verdere met de waan van de dag en er ontstaat vaak een houding van: en nu maar weer normaal. 
Ik hoop dat de keten tussen acute en chronische zorg nu echt goed op gang gaat komen, zodat er een vangnet is. Een vangnet voor de momenten dat het voor zowel de persoon met hersenletsel als de partner (het familielid) even te zwaar wordt om het evenwicht in stand te houden. Dat er dan een hulpverlener of een steunstructuur is die op het juiste moment die steun biedt die maakt dat ze verder kunnen. 

HomePartnersContactUit Deelmee Inloggen